Wie ‘Lā ilāha illa Allah, wahdahu lā sharīka lah, lahul-mulku wa lahul-ḥamdu wa huwa ʿalā kulli shayʾin qadīr’ (Er is geen god dan Allah, de Ene, zonder deelgenoot; aan Hem behoort de heerschappij, aan Hem komt alle lof toe, en Hij is Almachtig over alle dingen) honderdmaal daags uitspreekt, voor hem is een verheven beloning weggelegd
Aboe Hoerayra, moge Allah tevreden zijn met hem, zei; dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: "Wie ‘Lā ilāha illa Allah, wahdahu lā sharīka lah, lahul-mulku wa lahul-ḥamdu wa huwa ʿalā kulli shayʾin qadīr’ (Er is geen god dan Allah, de Ene, zonder deelgenoot; aan Hem be…

